De Rechtbank Noord-Holland heeft op 2 december 2020 uitspraak gedaan over een vordering tot schadevergoeding van VvE jegens een appartementseigenaar vanwege het veroorzaken van schade aan een gemeenschappelijk deel van het appartement.

Gedaagde is eigenares van het appartementsrecht betrekking hebbende op het 50/1020ste aandeel in de gemeenschap, rechtgevend op het uitsluitend gebruik van het appartement gelegen op de tweede verdieping met berging in de kelder van het appartementencomplex.

Sinds 2010 woont ook de volwassen zoon van gedaagde in het appartement.

Zowel in de akte van hoofdsplitsing als in de akte van ondersplitsing is het modelreglement van 1992 van toepassing verklaard.

In artikel 9 lid 1 van het reglement is bepaald: Tot de gemeenschappelijke gedeelten en gemeenschappelijke zaken worden onder meer gerekend, voor zover aanwezig: a. (…) de deuren welke zich in de buitengevel bevinden of de scheiding vormen tussen het gemeenschappelijk en het privé gedeelte.

In artikel 16 staat:  Iedere eigenaar en gebruiker is tegenover de andere eigenaars en gebruikers aansprakelijk voor de schade toegebracht aan de gemeenschappelijke gedeelten en/of gemeenschappelijke zaken en voor onredelijke hinder voor zover deze schade of hinder veroorzaakt is door de schuld van hemzelf of van zijn huisgenoten of zijn personeel en hij is verplicht voor zover dit redelijk is maatregelen te nemen of te dulden die de strekking hebben bedoelde schade te voorkomen.

In de vergadering van eigenaars van 30 augustus 2019 is het voorstel om in een gerechtelijke procedure de schade van gedaagde te vorderen, aangenomen.

De VvE legt aan de vordering ten grondslag dat op grond van artikel 16 van het toepasselijke reglement, schade aan gemeenschappelijke zaken, waaronder ook de deur in kwestie, voor rekening komt van de eigenaar door wiens schuld die schade is ontstaan.

Gedaagde betwist de vordering. Zij voert aan – samengevat – dat de schade ziet op een gemeenschappelijk deel zodat die schade voor rekening van de VvE dient te komen.

Appartementsrecht. VVE. Vordering tot schadevergoeding van VvE jegens appartementseigenaar vanwege veroorzaken van schade aan gemeenschappelijk deel van het appartement.

De rechter oordeelt als volgt.

Uitgangspunt is dat schade aan een gemeenschappelijke zaak voor rekening van de VvE is, tenzij de schade is veroorzaakt door de schuld van een individueel lid, diens huisgenoten of diens personeel.

Vast staat dat gedaagde zelf de schade aan de deur, die als een gemeenschappelijke zaak moet worden aangemerkt, niet heeft veroorzaakt.

Het is immers de politie geweest die de deur heeft geforceerd om zich toegang tot het appartement te verschaffen.

De vraag die daarom ter beantwoording voorligt is of het handelen van de politie aan in de zin van artikel 16 van het reglement aan gedaagde kan worden toegerekend.

De kantonrechter is van oordeel dat dit het geval is en wel vanwege het volgende.

Vast staat dat de politie op verzoek van gedaagde naar het appartement is gekomen.

Het antwoord op de vraag of gedaagde zelf de politie heeft gebeld of dat haar kleindochter dit heeft gedaan, kan in het midden blijven.

De kleindochter heeft in deze immers gehandeld op verzoek van en namens gedaagde en moet daarom als haar zaakwaarnemer worden beschouwd.

Dat de politie zich vervolgens toegang tot het appartement heeft verschaft, lag in de lijn der verwachting.

De politie werd immers gebeld omdat er al enige dagen geen teken van leven van de zoon was vernomen en het de kleindochter ook niet lukte om in het appartement te komen.

Kennelijk had de politie in de gegeven omstandigheden geen andere mogelijkheid om toegang tot het appartement te krijgen.

Hoewel gedaagde niet zelf heeft besloten om de deur te forceren en zij vermoedelijk ook niet heeft voorzien dat de schade als gevolg van het handelen van de politie zo groot zou zijn, is die schade wel aan haar schuld te wijten.

Als gedaagde immers niet de politie had ingeschakeld, zou de schade zich niet hebben voorgedaan.

Op grond van artikel 16 van het reglement komt de schade daarom voor rekening van gedaagde.

Het verweer van gedaagde dat de VvE haar schade op politie moet verhalen, gaat niet op.

Nog daargelaten dat de eventuele aansprakelijkheid van de politie niet afdoet aan die van gedaagde, geldt dat er voor de VvE geen grond is om de politie aan te spreken.

Het is niet de VvE geweest die de politie heeft ingeschakeld en zij had bij het handelen van de politie, dat was gericht op het wel en wee van de zoon van gedaagde, ook geen eigen belang.

Daar komt bij dat het handelen van de politie gerechtvaardigd was door de noodsituatie, zodat de politie ook geen onrechtmatig handelen kan worden verweten.

Dat de situatie van de zoon uiteindelijk dit ingrijpende handelen niet rechtvaardigde, is wetenschap achteraf en doet aan het voorgaande niet af.

Het voorgaande betekent dat de vordering toewijsbaar is.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat VVE over het appartementsrecht, over de akte van splitsing of het splitsingsreglement over de nietigheid of vernietigbaarheid van besluiten van de VVE of over de uitleg van de splitsingsakte, belt u dan gerust onze advocaat VVE  op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het appartementsrecht, bezoek dan onze website over de VVE. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.