Van onze advocaat VVE. De Rechtbank Rotterdam heeft op 8 november 2017 uitspraak gedaan over de vraag of een besluit van de VVE tot een geldelijke bijdrage wegens achterstallig onderhoud nietig was.

De advocaat van eiseres vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad de VvE te bevelen zich per ommegaande te onthouden van de tenuitvoerlegging van het besluit van 28 april 2017 jegens eiseres. De advocaat van eiseres stelt daartoe het volgende.

Het besluit tot verhoging van de maandelijkse bijdrage aan de VvE is nietig, dan wel vernietigbaar. Eiseres is niet uitgenodigd voor deelneming aan de vergadering(en). Zou zij wel zijn uitgenodigd, dan zou zij op de vergadering tegen het voorstel tot verhoging van haar bijdrage gestemd hebben. Omdat eiseres de meerderheid van stemmen heeft, zou het besluit niet genomen zijn. Bovendien is door haar afwezigheid het quorum niet gehaald. Ook om die reden is het besluit om de maandelijkse bijdrage van eiseres te verhogen, ongeldig.

Besluit VVE tot geldelijke bijdrage wegens achterstallig onderhoud nietig?

De voorzieningenrechter acht onaannemelijk dat eiseres niet tijdig op de hoogte is gesteld van de twee vergaderingen van de VvE, gehouden in april 2017. Ter zitting is gebleken dat de uitnodiging hiervoor de twee andere leden van de VvE wel heeft bereikt. Daar komt bij dat gedaagde – een van die twee andere leden – ter zitting verklaard heeft dat hij eiseres nog gevraagd of eiseres mee wilde rijden naar deze vergaderingen, welk aanbod eiseres volgens gedaagde niet heeft aanvaard. De voorzieningenrechter ziet vooralsnog geen reden om te twijfelen aan de juistheid van deze verklaring van gedaagde.

Afgezien hiervan is onaannemelijk dat het standpunt van eiseres in een eventuele bodemprocedure stand zal houden. Op het punt van de uitnodiging wordt verwezen naar het hiervoor overwogene.

Op het punt van het quorum blijkt uit de door de VvE overgelegde stukken dat, zoals hiervoor al is vastgesteld, dat de tweede vergadering van 28 april 2017 is uitgeschreven omdat op de vergadering van 13 april 2017 onvoldoende stemmen aanwezig waren om rechtsgeldige besluiten te kunnen nemen. Die laatste vergadering kan als tweede vergadering worden aangemerkt. Ten slotte is van belang dat eiseres uiteindelijk linksom of rechtsom financieel over de brug zal moeten komen.

Het is niet de VvE zelf, maar de gemeente Rotterdam die hier eist dat de achterstand in het onderhoud aan het appartementencomplex wordt verholpen. Dat achterstallige onderhoud had zelfs al in 2016 voltooid moeten zijn. Ook eiseres zal haar aandeel in die kosten moeten dragen. Tegen die achtergrond is niet aannemelijk dat de rechter in een bodemprocedure het beroep op haar meerderheid van stemmen zal honoreren. Het ligt in de rede dat de bodemrechter zal oordelen dat dit misbruik van bevoegdheid oplevert omdat eiseres de kosten van de VvE niet door alleen de andere appartementseigenaren kan laten dragen.

Eiseres heeft ter zitting verklaard dat zij mogelijk zelf een andere, goedkopere aannemer kan inschakelen dan de aannemer die door de VvE is ingeschakeld. Het is de voorzieningenrechter echter niet duidelijk waarom eiseres dat standpunt dan niet als agendapunt heeft ingebracht in een vergadering van de VvE. Daar is een VvE juist voor bedoeld. Eiseres miskent dat zij zelf ook lid is van de VvE. Zinvolle inbreng zal naar valt aan te nemen altijd welkom zijn.

Het valt niet uit te sluiten dat de overige leden van de VvE een verhaalsrecht zullen hebben op eiseres als er dwangsommen worden verbeurd om de reden dat (alleen) eiseres niet tijdig haar aandeel in de kosten heeft gedragen. In zoverre is het ook in het belang van eiseres dat zij tijdig bijdraagt in de kosten.

Ter zitting bleek dat eiseres in staat is om de ten onrechte geïncasseerde bedragen te storneren. Zij lijdt derhalve vooralsnog geen financieel nadeel.

De advocaat van eiseres verlangt een betalingsregeling van de VvE. Eiseres heeft in beginsel echter geen recht op een betalingsregeling. Eiseres is zelf verantwoordelijk voor haar aandeel in het onderhoud van het appartementencomplex. De VvE is geen kredietverstrekker. Een eventuele betalingsregeling kan worden gegrond op coulance, maar is in beginsel geen recht.

Voor zover de vordering van eiseres er (mede) toe strekt om het aan de VvE te verbieden de geldvordering bij de rechter aanhangig te maken, miskent eiseres dat een zodanig verbod als regel in strijd is met het in artikel 6 EVRM besloten liggende recht op toegang tot de rechter. Onder zeer uitzonderlijke omstandigheden kan dit uitzondering leiden (Hoge Raad, 6 april 2012, HR:2012:BV7828). Van dergelijke omstandigheden is echter geen sprake. Als de VvE al fouten mocht hebben gemaakt bij het beleggen van haar vergaderingen (hetgeen vooralsnog niet aannemelijk is geworden), dan neemt dat niet weg dat wél aannemelijk is dat de VvE een geldvordering heeft op eiseres.

Een proceskostenveroordeling dient zo nodig ambtshalve te worden uitgesproken, dit tenzij de (grotendeels) in het gelijk te stellen partij kenbaar maakt daar geen prijs op stellen. Dat doet zich hier niet voor. Eiseres zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten van de VvE.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag over de VVE, over het splitsingsreglement, of over de nietigheid of vernietigbaarheid van een besluit van de VVE, belt u dan gerust onze advocaat VVE op 020-3980150.