De Rechtbank Noord-Holland heeft op 14 januari 2022 uitspraak gedaan over de vraag of een besluit van de VVE om geen toestemming te verlenen voor het aanleggen van een stopcontact in de parkeergarage van het appartement voor het opladen van een hybride auto in strijd was met de redelijkheid en billijkheid.
Verzoeker wil vernietiging van het besluit van VvE om geen toestemming te verlenen voor het aanleggen van een stopcontact in de parkeergarage om zijn hybride auto op te laden.
Het appartementencomplex bestaat uit acht woongebouwen en drie parkeerkelders.
De drie parkeerkelders hebben elke hun eigen VvE.
Verzoeker is eigenaar van een appartementsrecht dat hem recht geeft op het uitsluitend gebruik van een parkeerplaats.
Verder heeft verzoeker een souterrain dat bereikbaar is via zijn woning.
Blijkens de (wijziging) van de ondersplitsingsakte van VvE van 5 oktober 2020 is het Modelreglement van ondersplitsing van 2006 (hierna: het Modelreglement) van toepassing.
In artikel 22 lid 3 van het Modelreglement is het volgende bepaald: ‘De eigenaars en gebruikers mogen zonder toestemming van de vergadering geen veranderingen aanbrengen in de gemeenschappelijke gedeelten of aan de gemeenschappelijke zaken, ook als deze zich in privé gedeelten bevinden.’
Verder is het Huishoudelijk Reglement (hierna: het Huishoudelijk Reglement) van toepassing.
In artikel 4 onder c van het Huishoudelijk Reglement is het volgende bepaald: ‘Aanbrengen of installeren van andere zaken op of aan het gebouw is niet toegestaan.
De vergadering van eigenaars kan, onder voorwaarden, schriftelijk toestemming verlenen tot afwijking van dit artikel.’
VVE. Appartementsrecht. Is het besluit van VvE om geen toestemming te verlenen voor het aanleggen van een stopcontact in de parkeergarage van het appartement voor het opladen van een hybride auto in strijd met de redelijkheid en billijkheid? Brandveiligheid. Alternatief? Belangenafweging. Toetsing.
De rechter oordeelt als volgt.
Artikel 2:15 lid 1 BW bepaalt dat een besluit van een orgaan van een rechtspersoon vernietigbaar is wegens strijd met wettelijke bepalingen of statutaire bepalingen die het tot stand komen van besluiten regelen.
Het standpunt van verzoeker dat zijn verzoek niet correct op de agenda is gezet omdat hij niet om een oplaadpunt maar om een stopcontact heeft verzocht, volgt de kantonrechter niet.
De kantonrechter is met VvE van oordeel dat verzoeker daarmee miskent dat hij zijn hybride auto wil opladen met dit stopcontact.
De kantonrechter acht de formulering van het agendapunt ‘De fam. B (verzoeker) vraagt toestemming voor het plaatsen van een oplaadpunt voor een hybride auto’ dan ook niet onjuist.
Er is daarom op deze grond geen aanleiding om het besluit te vernietigen.
Artikel 2:15 lid 1 onder b BW bepaalt dat een besluit van een orgaan van een rechtspersoon vernietigbaar is wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid die door artikel 2:8 BW worden geëist.
Ingevolge artikel 2:8 lid 1 BW moeten een rechtspersoon en degenen die krachtens de wet of de statuten bij zijn organisatie zijn betrokken, zich als zodanig jegens elkaar gedragen naar hetgeen door redelijkheid en billijkheid wordt gevorderd.
De kantonrechter toetst een besluit als hier aan de orde marginaal, dat wil zeggen dat slechts een besluit dat een redelijk handelende ledenvergadering van een VvE bij afweging van de betrokken belangen niet had kunnen nemen voor vernietiging in aanmerking komt.
Daarnaast spelen de regels van de stelplicht en bewijslastverdeling een rol, dat wil zeggen dat degene die zich beroept op de rechtsgevolgen van de door haar/hem gestelde feiten of rechten voldoende moet stellen en, zo nodig, bewijzen.
De kantonrechter is van oordeel dat VvE in redelijkheid heeft kunnen besluiten tot afwijzing van het verzoek van verzoeker in verband met de (brand)veiligheid.
De omstandigheid dat in de door verzoeker overgelegde offerte van bedrijf G staat dat alles op een veilige manier zal worden aangelegd, maakt dit niet anders.
Terecht voert VvE aan dat bij een aansluiting voor het opladen van een (hybride) auto specifieke veiligheidsaspecten spelen.
Dat volgens verzoeker elektrische fietsen in bergingen worden opgeladen, doet daaraan niet af.
Wanneer het verzoek van verzoeker wordt toegewezen, heeft dat tot gevolg dat VvE andere aanvragen om het plaatsen van een oplaadpunt in de parkeergarage in beginsel niet kan weigeren.
Dit raakt het zwaarwegende belang van VvE van het waarborgen van de (brand)veiligheid.
Dat er bij een ander vak in de parkeergarage een stopcontact is, leidt evenmin tot een ander oordeel.
Onweersproken is dat dit stopcontact niet bij een parkeerplaats hoort, voor algemeen gebruik is, dat het niet is toegestaan om met dit stopcontact een auto op te laden en dat dit ook niet gebeurt.
Verder is van belang dat de ‘Notificatieregeling oplaadpunten VvE’s’ in de maak is.
Zoals het zich nu laat aanzien is toestemming van (de leden van) een Vereniging van Eigenaars voor het plaatsen van een oplaadpunt na inwerkingtreding niet meer nodig en volstaat een ‘notificatie’ aan VvE.
De VvE heeft toegelicht dat zij in verband daarmee algemeen geldende regels en voorwaarden wenst op te stellen en vast te leggen in het huishoudelijk reglement met betrekking tot onder meer de financiën, gezamenlijke infrastructuur en risicobeperkingen en dat zij hiermee al bezig is.
De kantonrechter acht het niet in strijd met de redelijkheid en billijkheid dat verzoeker dit moet afwachten.
De kantonrechter is, gelet op het voorgaande, dan ook met VvE van oordeel dat de belangen van VvE zwaarder wegen dan het belang van verzoeker bij het plaatsen van een stopcontract voor het opladen van zijn auto in de parkeergarage.
Bovendien is het niet zo dat verzoeker door dit besluit geen mogelijkheid heeft om zijn auto te kunnen opladen.
Niet in geschil is dat op korte afstand van de parkeergarage openbare oplaadpunten zijn.
Dat de echtgenote van verzoeker niet goed ter been is en dat een en ander een te zware belasting voor haar zou zijn, kan niet tot een ander oordeel leiden.
De kantonrechter is daarom van oordeel dat VvE bij afweging van alle betrokken belangen in redelijkheid heeft kunnen komen tot afwijzing van het verzoek tot plaatsing van een stopcontact ten behoeve van het opladen van een elektrische auto.
De conclusie is dat de kantonrechter het verzoek van verzoeker om vernietiging van het besluit van 14 juni 2021 zal afwijzen.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat VVE over het appartementsrecht, over de VVE, over de akte van splitsing of het splitsingsreglement of over de nietigheid of vernietigbaarheid van besluiten van de VVE, belt u dan gerust onze advocaat VVE op 020-3980150.
Wilt u meer weten over het appartementsrecht, bezoek dan onze website over de VVE. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.