Het Gerechtshof Amsterdam heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of een dakopbouw op een appartement een goederenrechtelijke wijziging betrof waarbij de wijziging van de splitsingsakte noodzakelijk is.

Appellant is onder aanvoering van twee grieven opgekomen tegen de bestreden beschikking.

Appellanten hebben grieven aangevoerd tegen:

  1. het oordeel van de kantonrechter dat voor de realisatie van de bouwplannen van appellanten een wijziging van de splitsingsakte nodig is; en
  2. de beslissing van de kantonrechter om geen vervangende machtiging aan appellanten te verlenen om hun bouwplannen te realiseren

Appartemensrecht. VVE. Op- of aanbouw. Dakopbouw op appartement. Goederenrechtelijke wijziging. Wijziging van de splitsingsakte. Vervangende machtiging door rechter?

De rechter oordeelt als volgt.

De bouwplannen van appellanten houden in dat een nieuwe woonverdieping aan het gebouw wordt toegevoegd c.q. dat een dakterras wordt verwijderd ten gunste van de aanzienlijke uitbreiding van een bestaande woonlaag, onder toebedeling van het recht op het uitsluitend gebruik van de nieuwe/uitgebreide woonlagen aan appellanten.

Het betreft constructief ingrijpende wijzigingen die ertoe zouden leiden dat nieuwe gemeenschappelijke buitenmuren aan het gebouw worden toegevoegd en dat het gebouw een nieuw gemeenschappelijk dak krijgt.

De beoogde dakopbouw is bedoeld als permanente bouwwerk met woonfunctie en zullen niet eenvoudig kunnen worden verwijderd.

Na realisatie van de dakopbouw zou de splitsingsakte voorts niet langer een juiste omschrijving geven van de appartementsrechten van appellanten omdat daaruit niet volgt dat die appartementsrechten mede betrekking hebben op de nieuwe woonlaag, c.q. op de uitbreiding ervan in plaats van een dakterras.

Ook de splitsingstekening, in het bijzonder de weergave van de doorsnede van het gebouw en het dak-aanzicht van de laagbouw, zal na realisatie van de bouwplannen van appellanten niet langer een juist beeld geven van het in de splitsing betrokken gebouw.

Realisatie van de bouwplannen van appellanten houdt gelet op het voorgaande een goederenrechtelijke wijziging in waarvoor de splitsingsakte moet worden gewijzigd.

De door appellant verzochte vervangende machtiging kan niet worden gegeven omdat, zoals hiervoor is overwogen, voor het kunnen realiseren van de bouwplannen van appellant een wijziging van de splitsingsakte nodig is.

Een besluit tot goedkeuring van zijn bouwplannen door de ledenvergadering van de VvE zou appellant dus niet het recht geven om zijn bouwplannen uit te voeren.

Datzelfde geldt voor een ter vervanging van die goedkeuring strekkende machtiging.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat VVE over het appartementsrecht, over de VVE, over de akte van splitsing of het splitsingsreglement of over de nietigheid of vernietigbaarheid van besluiten van de VVE, belt u dan gerust onze advocaat VVE op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de VVE en het appartementsrecht, bezoek dan onze website over de VVE. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.