De Rechtbank Noord-Holland heeft onlangs uitspraak gedaan over de weigering van de VVE tot het geven van toestemming voor het aanbrengen van een airco aan de buitengevels van een appartement.

Verzoeker is rechthebbende van het appartementsrecht.

Daarmee is verzoeker van rechtswege lid geworden van de VvE.

Verzoeker verzoekt het besluit van het bestuur om geen toestemming te geven om de airco unit te plaatsen, te vernietigen.

Tevens verzoekt verzoeker om een vervangende machtiging om de airco unit te plaatsen.

Hiertoe heeft verzoeker het volgende aangevoerd.

Het bestuur heeft het besluit buiten de vergadering om genomen.

Het is niet aannemelijk dat door het plaatsen van de airco schade ontstaat aan de gemeenschappelijke delen van het gebouw.

Verder heeft het bestuur ten onrechte aangevoerd dat de toezegging van verzoeker dat het geluid van de airco binnen de normen van het bouwbesluit blijft, onvoldoende is.

Ten slotte heeft het bestuur onvoldoende rekening gehouden met de belangen van verzoeker.

Hij werkt vaak thuis en in de zomer wordt zijn appartement veel te warm.

Appartemensrecht. VVE. Weigering tot geven toestemming voor aanbrengen van airco aan buitengevels van appartement. Bestuur. ALV. Gemeenschappelijke gedeelten. Vervangende toestemming.

De rechter oordeelt als volgt.

Het bestuur heeft op 24 juli 2023 het besluit genomen.

Verzoeker heeft zijn verzoekschrift op 9 augustus 2023 ingediend waarna hij dit heeft aangevuld met de nadere stukken.

Hiermee heeft verzoeker zijn verzoek tijdig ingediend.

Hoewel verzoeker in zijn verzoekschrift de VvE als verwerende partij vermeldt, richt zijn verzoek zich feitelijk tegen het bestuur van de VvE dat volgens hem een onjuist besluit heeft genomen.

Uit artikel 5:130 lid 2 BW volgt dat een besluit van een orgaan van de VvE kan worden vernietigd.

Aangezien het bestuur een orgaan van de VvE is, kan een besluit van het bestuur nietig of vernietigbaar zijn.

De vraag is echter of het bestuur gerechtigd was om over dit onderwerp een besluit te nemen.

Uit artikel 9 van het Modelreglement blijkt dat een eigenaar toestemming van de vergadering nodig heeft om veranderingen aan te brengen in de gemeenschappelijke gedeelten en gemeenschappelijke zaken, ook als deze zich in de privé gedeelten bevinden.

Uit dat artikel volgt ook dat onder meer de buitengevels tot de gemeenschappelijke zaken moeten worden gerekend.

Het plaatsen van een airco aan de buitenzijde van het gebouw valt onder artikel 9 van het Modelreglement.

Het bestuur en verzoeker zijn het daarover ook eens.

Dat betekent dat niet het bestuur, maar uitsluitend de vergadering bevoegd is om te beslissen over het verzoek van verzoeker om een airco aan de buitengevel te bevestigen.

Verzoeker heeft dat ook erkend.

De conclusie is dan ook dat het bestuur niet bevoegd was om een besluit over het plaatsen van een airco unit te nemen.

Het besluit is dan ook in strijd met artikel 9 van het Modelreglement en om die reden nietig.

Hoewel de vordering tot nietigverklaring van een besluit van een orgaan van de VvE strikt genomen bij de rechtbank moet worden ingesteld, acht de kantonrechter zich op grond van de uitspraak van de Hoge Raad van 10 juli 2020 (HR:2020:1275) bevoegd om de nietigheid van het besluit uit te spreken.

In zoverre is het verzoek van verzoeker toewijsbaar.

Verzoeker heeft verder verzocht om een door de kantonrechter te verlenen vervangende machtiging voor het aanbrengen van de airco-unit.

Artikel 5:121 BW bepaalt dat in alle gevallen waarin een appartementseigenaar medewerking of toestemming van de VvE behoeft, die toestemming of medewerking kan worden vervangen door een machtiging van de kantonrechter en dat die machtiging kan worden verleend, indien de medewerking of toestemming zonder redelijke grond wordt geweigerd of degene die haar moet geven zich niet verklaart.

Zoals uit de rechtsoverwegingen volgt, is de algemene ledenvergadering het orgaan dat bevoegd is om te beslissen over het verzoek tot het aanbrengen van de airco-unit.

Vast staat dat verzoeker zijn verzoek (nog) niet aan de algemene ledenvergadering heeft voorgelegd.

Daarom kan niet worden gezegd dat de algemene ledenvergadering haar medewerking zonder redelijke grond heeft geweigerd of zich niet heeft verklaard.

Aan de vereisten voor het geven van een vervangende machtiging is dus niet voldaan, zodat het verzoek daartoe moet worden afgewezen en de kantonrechter niet toekomt aan inhoudelijke beoordeling van het verzoek.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat VVE over het appartementsrecht, over de VVE, over de akte van splitsing of het splitsingsreglement of over de nietigheid of vernietigbaarheid van besluiten van de VVE, belt u dan gerust onze advocaat VVE op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de VVE en het appartementsrecht, bezoek dan onze website over de VVE. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.