Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 9 september 2020 uitspraak gedaan over de termijn van de hoger beroep voor verzoeken tot vernietiging van een VVE-besluit.

De vraag die in deze zaak voorligt, is of verzoekster ontvankelijk is in haar hoger beroep.

Appartementsrecht. Procesrecht. Overschrijding van de hoger beroepstermijn voor een verzoek tot vernietiging van een VVE-besluit.

De rechter oordeelt als volgt.

Anders dan verzoekster betoogt, is het hof van oordeel dat verzoekster te laat hoger beroep heeft ingesteld nu de termijn van artikel 5:130 lid 3 BW van één maand op dat moment reeds geruime tijd was verstreken.

Artikel 5:130 lid 1 BW bepaalt, kort weergegeven, dat de vernietiging van een besluit van een orgaan van de vereniging van eigenaars geschiedt door een uitspraak van de kantonrechter op verzoek van degene die vernietiging kan vorderen.

Artikel 5:130 lid 3 BW bepaalt, samengevat, dat hoger beroep slechts kan worden ingesteld binnen een maand na de dagtekening van de eindbeschikking.

Verzoekster heeft in haar verzoekschrift in eerste aanleg op grond van artikel 5:130 lid 1 BW verzocht om vernietiging van het besluit van de VvE van 30 januari 2019.

De kantonrechter heeft mondeling op 9 maart 2020 uitspraak gedaan (eindbeschikking gegeven) en het verzoek van verzoekster daarbij afgewezen.

Op grond van artikel 5:130 lid 3 BW had verzoekster tegen deze (afwijzende) eindbeschikking binnen een maand na dagtekening daarvan hoger beroep moeten instellen.

Op welke inhoudelijke gronden het verzoek van verzoekster door de kantonrechter is afgewezen (namelijk dat er volgens de kantonrechter geen sprake is van een ‘besluit’ in de zin van artikel 5:130 lid 1 BW zodat er niets te vernietigen is), doet daarbij niet ter zake.

Artikel 5:130 lid 3 BW maakt geen onderscheid in de duur van de hoger beroepstermijn op grond van de inhoud van de eindbeschikking en verzoekster heeft ook niet toegelicht waarom artikel 5:130 lid 3 BW op deze wijze (die rechtsonzekerheid met zich brengt) moet worden uitgelegd.

Gelet op het voorgaande zal het hof verzoekster niet-ontvankelijk verklaren omdat zij te laat hoger beroep heeft ingesteld.

Aan een inhoudelijke beoordeling van de zaak wordt door het hof niet toegekomen.

Omdat verzoekster niet-ontvankelijk zal worden verklaard, zal het hof haar veroordelen in de kosten van het hoger beroep.

Deze worden aan de zijde van de VvE begroot op een halve procespunt aan salaris voor advocaat conform liquidatietarief nu de VvE enkel een korte akte heeft ingediend in het kader van de ontvankelijkheid van verzoekster.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat VVE over het appartementsrecht, over de akte van splitsing of het splitsingsreglement over de nietigheid of vernietigbaarheid van besluiten van de VVE of over de uitleg van de splitsingsakte, belt u dan gerust onze advocaat VVE  op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het appartementsrecht, bezoek dan onze website over de VVE. Klik dan hier.