Van onze advocaat VVE. De Rechtbank Noord-Holland heeft op 25 juli 2018 uitspraak gedaan over het procederen namens een VVE. Was de VVE ontvankelijk in de vordering?

De VVE legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat de VVE eigenaar is van het gebouw ten behoeve waarvan gedaagde het dak heeft vernieuwd en dat gedaagde opdracht heeft gegeven voor het werk.

Gedaagde heeft het werk ondeugdelijk uitgevoerd omdat het dak kort na aanleg lekkages vertoonde. Gedaagde is daarvan op de hoogte gesteld en hij is meerdere malen in de gelegenheid gesteld om het dak te herstellen en reparaties aan het dak uit te voeren. Daartoe was gedaagde verplicht omdat hij 10 jaar garantie heeft gegeven op de aanleg van de dakbedekking.

Op 8 april 2014 heeft gedaagde een laatste kans gekregen om zelf het dak te herstellen alvorens een derde zou worden ingeschakeld. Hiertoe is gedaagde niet overgegaan en daarom heeft een derde partij het dak hersteld. De VVE heeft de factuur van de derde betaald. Deze uitgaven hadden zij niet hoeven doen, indien gedaagde zijn werk deugdelijk had uitgevoerd. De kosten van de derde zijn als schade toerekenbaar aan gedaagde en dienen voor gedaagde rekening te komen. Gedaagde dient de door hem ontvangen aanneemsom ad € 8.925,00 terug te betalen aan de VVE.

Procederen namens de VVE. VVE ontvankelijk in vordering? Volmacht.

De rechter oordeelt als volgt.

Lid 2 van artikel 5:126 BW bepaalt dat een vereniging van eigenaars binnen de grenzen van haar bevoegdheid de gezamenlijke appartementseigenaars in en buiten rechte kan vertegenwoordigen.

De grenzen van die bevoegdheid wordt bepaald door de statuten van de vereniging en het splitsingsreglement.

Gedaagde beroept zich op lid 5 van artikel 53 van het splitsingsreglement waarin staat dat het bestuur van de VVE voor het instellen van onderhavige vordering de machtiging behoeft van de vergadering van eigenaars en neemt het standpunt in dat de betreffende machtiging ontbreekt.

Met gedaagde is de kantonrechter van oordeel dat uit het stuk dat is overgelegd niet kan worden afgeleid dat de vergadering van eigenaars machtiging heeft verleend aan het bestuur van de VVE om onderhavige procedure in te stellen.

Op basis van het overgelegde stuk kan niet worden vastgesteld of de vergadering heeft besloten om het bestuur de betreffende machtiging te verlenen.

Daarbij komt dat op basis van de processtukken en de standpunten van partijen, niet kan worden geoordeeld dat de VVE een zelfstandige rechtsverhouding met gedaagde heeft en of haar wel een daarvan afgeleid zelfstandig vorderingsrecht tot vergoeding van schade toekomt.

Indien de VVE als belangenbehartiger van de gezamenlijke eigenaars van de appartementsrechten optreedt omdat de rechtsverhouding tussen hen en gedaagde bij de koop en levering van de appartementsrechten is overgegaan op de huidige eigenaars, zoals ter zitting door de VVE aanvullend is gesteld, dan dienen die eigenaars aan de instelling van de vordering afzonderlijk hun medewerking te verlenen. Ook daarvan is niet gebleken.

De kale stelling van betrokkene A ter zitting dat hij handelt namens alle appartementseigenaars is onvoldoende, nu volmachten waaruit een en ander blijkt niet zijn overgelegd en gedaagde een en ander betwist.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag over het appartementsrecht, over de VVE, over het verlenen van een volmacht om namens de VVE te procederen of over de VVE en het contractenrecht, belt u dan gerust onze advocaat VVE op 020-3980150.